Voedselencyclopedie

inhoud

Recept: pompoensaus

Pompoen1

Ingrediënten

pompoen
olijfolie
sjalot of bosui
knoflook
kerriepoeder
kurkuma
koriander
gember vers (eventueel)
gouillon
shoyu (zoute sojasaus)
water
pindakaas en/of sambal

Bereiding

Elke soort pompoen is hiervoor geschikt. De groene is wat zoeter dan de oranje en de butternut. De (verse) oranje hoeft alleen maar geborsteld te worden, tenzij de schil hard geworden is. Dan wel schillen, net als de groene en de butternut.

Met een lepel de pitten verwijderen. Deze kan je drogen en pellen. Een lastig karweitje, maar ze zijn erg lekker en gezond.

In de pan een beetje olijfolie verwarmen en hierin heel fijn gesnipperde sjalot of bosui en uitgeperste knoflook doen. Goed blijven roeren zodat de knoflook niet aanbrandt. Kerriepoeder, kurkuma, koriander en eventueel wat heel klein gesneden verse gember toevoegen.
Snijd de pompoen in kleine stukken. Doe deze in de pan en voeg water toe. De pompoen mag onder water staan.
Voeg bouillon en een scheutje shoyu toe en laat aan de kook komen. Tijdens het koken regelmatig roeren zodat de pompoen stuk gaat en de saus zacht en romig wordt. Eventueel meer water toevoegen.
Op het laatst kan er naar smaak pindakaas en/of sambal toegevoegd worden.

Serveersuggestie

Pompoensaus is niet alleen lekker bij granen zoals rijst of gierst, maar ook erg smakelijk met pasta.

de toekomst van ons voedsel: landbouw of laboratorium?

categorieën: films

Regie: IJsbrand van Veelen
Research: Henneke Hagen/Gijs Meyer Swantee
Produktie: Miriam Bos
Eindredactie: Jos de Putter/Doke Romeijn

Van de site tegenlicht.vpro.nl

Wat brengt de toekomst op ons bord? Wordt het ambachtelijk of industrieel vervaardigd voedsel? Wordt het fast of slow? “Ik zou alleen maar eten wat je overgrootmoeder zou herkennen als eten,” zegt de gezaghebbende Amerikaanse journalist Prof. Michael Pollan, auteur van de bestseller The Omnivore’s Dilemma. Als centrale spreker schetst hij in deze uitzending de ontwikkeling van voedsel en voedselproductie in de Westerse wereld en laat hij zien waarom de VS hopelijk níet model staan voor de toekomstige voedselvoorziening in Europa.

Gefascineerd door de vraag hoe we in de toekomst de groeiende wereldbevolking kunnen voeden, gaat regisseur IJsbrand van Veelen op zoek naar de mensen die werken aan het voedsel van morgen. Ligt de oplossing in de traditie, zoals de SlowFood-beweging beweert? Of moeten we vertrouwen op de moderne laboratoria van de voedselindustrie? In deze Tegenlicht een beeldverslag uit de werelden van de traditioneel gerookte prosciutto én de vleesvervangers, van de Chianti Classico én de magere mayonaise die volvet smaakt.

Eind jaren tachtig richtte de Italiaanse journalist Carlo Petrini de SlowFood-beweging op als tegenhanger van de oprukkende cultuur van fast food en industrieel vervaardigd voedsel. Zijn beweging propageert lekker, puur en eerlijk voedsel en heeft inmiddels zo'n 80 duizend volgelingen wereldwijd, van wie zeventienhonderd in Nederland. Petrini is tevens de grondlegger van de eerste Gastronomische Universiteit ter wereld in het Noord-Italiaanse plaatsje Bra.

Daar volgt regisseur IJsbrand van Veelen de Nederlandse studente Nicole Berkelmans, die vorig jaar tot de prestigieuze universiteit werd toegelaten. Ook sprak hij uitgebreid met Petrini zelf, die er van overtuigd is dat een ecologische ramp alleen te voorkomen valt als de wereldbevolking zich gaat voeden met lokale en regionale eko-produkten.

Onmogelijk, stellen Remko Boom en Jan Weststrate, respectievelijk professor Food Processing aan de Wageningen Universiteit en Hoofd Research en Development van Unilever. De wereld beschikt over onvoldoende agrarische mogelijkheden om de wereldbevolking te voeden. Daarom moet er volgens hen gezocht worden naar nieuwe producten en productiemethoden.

Dat gebeurt onder meer in Wageningen, waar promovendus Koen van Dijke een revolutionaire techniek ontwikkelt om het vetgehalte in levensmiddelen drastisch terug te brengen. Een rondleiding door de laboratoria en proefkeukens van Unilever laat zien dat de industrie zelf ook zoekt naar oplossingen van het voedselprobleem.

Wat wordt het, landbouw of laboratorium?