Voedselencyclopedie

inhoud

Recept: pompoen-linzen-appelsoep

Pompoen-linzen-appelsoep

Ingrediënten

scheutje olijfolie
1 kleine ui, in ringen of stukjes
1 tl kerriepoeder
1 tl koriander
1 tl kurkuma (= geelwortelpoeder)
snufje zout (naar smaak)
1 teentje knoflook (geperst)
kleine oranje pompoen, geschild en in blokjes van ongeveer een cm gesneden
700 ml water
1 1/2 bouillonblokje
100 gram rode linzen, gewassen en van eventuele steentjes ontdaan
1/2 zure appel, geschild en in kleine stukjes

Bereiding

De olijfolie in een pan gieten en meteen de ui toevoegen. Vuur laag laten zodat de ui zachtjes gaart. De kerrie, koriander, kurkuma, het zout en de knoflook toevoegen. Blijven roeren.
De pompoenstukjes toevoegen en even mee laten bakken. Het water en de bouillonblokjes erbij doen en aan de kook laten komen. Dan de linzen en de appel erbij doen, en alles nog ongeveer 20 minuten laten koken.

Serveersuggestie

Op het bord kan naar smaak in blokjes gesneden en knapperig gebakken (rook)-tofu en/of een scheutje (soja)-room toegevoegd worden.

Dieren en wij - Hun welzijn, onze ethiek

categorieën: boeken, Dieren

dieren_en_wij

Auteur: Monique Janssens
Uitgever: A3 boeken, oktober 2010
ISBN: 978-9077408858

Recensie

Dieren en wij is een studie naar onze omgang met dieren, gebaseerd op de ethiek van het utilisme of utilitarisme. Dit is een stroming in de filosofie die uitgaat van “de theorie dat het nut de enige richtsnoer moet zijn in moreel en politiek handelen, met als doel het grootst mogelijke geluk over het grootst mogelijk aantal mensen te verspreiden” (Van Dale). Oftewel: zoveel mogelijk het welzijn verhogen en het leed verminderen. Jeramy Bentham stelde het vermogen tot lijden als criterium voor het meetellen van andere wezens naast mensen: “the question is not, can they reason? nor can they talk? but can they suffer?” en breidt hiermee de theorie uit met de dieren die kunnen lijden.
Ook Peter Singer (Animal Liberation, Practical Ethics) en Tom Regan (The case for animal rights) betrekken duidelijk de dieren in hun moraalfilosofie, en Monique Janssens gaat hierop door.

Probleem

Probleem bij dit soort ideeën is: hoe bepaal je wat goed is? Wat is de moreel juiste manier om met dieren om te gaan? En hoe besluit je wat juist, goed, is? Ga je daarbij uit van je eigen standpunt of juist van het standpunt van degene die lijdt? En hoe bepaal je wat lijden is? Wat de een fijn vindt, kan voor een ander een kwelling zijn.

Veel argumenten om dieren wel of niet te helpen gaan uit van het menselijk standpunt. Er wordt bijvoorbeeld onderscheid gemaakt tussen dieren die lijden door menselijk toedoen en dieren die lijden als gevolg van natuurlijke oorzaken. De eerste hebben meer kans geholpen te worden. Wellicht vanuit een schuldgevoel. Maar voor het betreffende dier maakt de oorzaak van zijn lijden niets uit. De pijn en ellende zijn hetzelfde.

Specisisme

Dan is er nog een hiërarchie in wezens waar iedereen mee te maken heeft. De meeste mensen eten geen honden maar wel varkens. Of slaan wel muggen dood maar geen vogels. Ook diegene die dichter bij je staat heeft meer kans op compassie dan diegenen die verder  weg zijn. Dit wordt specisisme genoemd. Het onderscheid maken tussen (dier)-soorten.

Afwegingen

Monique Janssens behandelt in Dieren en wij een groot aantal situaties waarin mensen geconfronteerd worden met dit soort afwegingen. Het eten van vlees en vis is natuurlijk een hele duidelijke, net als het doen van proeven voor medicijnen. Maar ook het gebruik van dieren puur voor lol van mensen, uiteenlopend van het hebben van een huisdier tot het moedwillig kwellen van stieren in een stierengevecht.

De antwoorden zijn lang niet altijd duidelijk. Zelfs als je alles afweegt kom je niet altijd tot een eenduidige conclusie of zelfs tot conclusies die welafgewogen voor het ene pleiten terwijl je aanvoelt dat dat toch nooit een juiste keuze kan zijn. En wat doe je dan?

Visie

Aan het einde van elk hoofdstuk volgt een moraal van dit verhaal waarin de auteur haar visie geeft. Zij neemt hierin duidelijk stelling en geeft haar antwoorden op de besproken dilemma’s. Daar kan je het mee eens zijn of niet maar dit boek zet je in ieder geval zelf aan het denken, en dat is al een stap verder dan het gedachteloos consumeren. Niet alleen van dierlijke producten maar van in feite alles.