Voedselencyclopedie

inhoud

Recept: aardappel-asperge ovenschotel

Aardappel

Ingrediënten

voor 2 pers.
- 400 gram aardappels
- 500 gram asperges
- 1 eetlepel plantaardige margarine
- ongeveer 2 deciliter sojamelk
- 2 eetlepels bloem of meel
- snufje zout
- theelepel gistvlokken
- snufje nootmuskaat

Bereiding

De aardappels in stukjes even koken, niet helemaal gaar laten worden. Afgieten.

De asperges niet te dun schillen en het onderste deel eraf breken. (De schillen en onderkanten eventueel bewaren voor het trekken van bouillon.)
In water aan de kook brengen, vuur uitzetten en laten staan tot ze bijna gaar zijn, ongeveer tien a vijftien minuten, afhankelijk van de dikte. Afgieten.

Intussen de saus bereiden: margarine smelten in een steelpannetje, bloem of meel toevoegen. Goed roeren zodat er geen klontjes meer in zitten. In kleine scheutjes sojamelk toevoegen. Continu blijven roeren.
Zout, gistvlokken en nootmuskaat erbij. Eventueel kerrie, peper of andere kruiden naar smaak toevoegen.

De aardappels en asperges in een ovenschaal leggen. De saus eroverheen gieten.
Oven voorverwarmen op ongeveer 200 graden. Ovenschaal erin, ongeveer een half uur laten staan. Controleren of de aardappels goed gaar zijn.

Koolhydraten

categorieën: Gezondheid algemeen, lichaam, nutriënten

koolhydraten

Koolhydraten worden ook wel suikers of zetmeel genoemd. Het is een van de drie macronutriënten (de andere zijn vetten en eiwitten).

Koolhydraten kunnen onderverdeeld worden in:
- monosachariden (glucose, fructose, galactose);
- disachariden (sucrose of sacharose, maltose, lactose);
- oligosachariden (dextrine);
- polysachariden (amylopectine, amylose).

Koolhydraten komen veel voor in zetmeelrijke producten als granen en peulvruchten, en zetmeelrijke groenten als aardappels, pompoen en bataat.

Monosachariden

Komen als glucose (ook wel druivesuiker genoemd) en fructose (ook wel vruchtesuiker genoemd) voor in vrijwel alle vruchten.
Alle koolhydraten worden in het menselijk lichaam afgebroken tot monosachariden, en vervolgens opgeslagen als glycogeen om gebruikt of omgezet te worden in vet (om eventueel later gebruikt te kunnen worden).

Disachariden

Komen veel voor in allerlei voedingsmiddelen. Lactose zit in vrijwel alle zuivelproducten.
Sucrose is de gewone biet- of rietsuiker. Het zit ook vaak in vruchten.
Maltose komt voor in deeg. Hier kan het afgebroken worden door gistcellen tot alcohol, hierbij onstaat koolzuur dat verantwoordelijk is voor het rijzen van het deeg.

Zetmeel

Bestaat uit twee soorten polysachariden: amylopectine en amylose.

Onverteerbare koolhydraten

Alle bovengenoemde koolhydraten zijn verteerbaar. Er zijn echter ook onverteerbare koolhydraten, de vezels of vezelstoffen. Deze komen vooral voor in groenten (vooral bladgroenten en knolgewassen), vruchten, peulvruchten en ongeraffineerde granen. Ze bepalen de stevigheid van de planten.
Onverteerbare vezelstoffen worden niet verteerd in het maag/darmkanaal en leveren dus ook geen energie (calorieën). In de dikke darm (colon), die na de dunne darm komt, leven micro-organismen die deze stoffen wel gedeeltelijk kunnen afbreken. Hierbij ontstaan gassen en kan dus winderigheid voorkomen.
De vezelstoffen zijn belangrijk voor het goed functioneren van het maag/darmkanaal.

Als het vezelgehalte van een plant boven de 20% komt, wordt deze als niet eetbaar beschouwd.

De onverteerbare vezelstoffen kunnen verdeeld worden in vier groepen;
- cellulose - dit komt voor in de celwanden van planten en is voor mensen onverteerbaar;
- hemicellulose - komt vooral voor in zaden en stengels van planten, dus in bonen en granen;
- pectine zit tussen plantencellen in en komt vooral voor in de schil van fruit en in bladgroenten;
- lignine is eigenlijk geen koolhydraat maar wel een vezel, het is een bestanddeel van hout en komt voor in nootmuskaat, kaneel en cacao.