Voedselencyclopedie

inhoud

Recept: tjap-tjoi

Tjap-tjoi

De naam tjap-tjoi komt van de twee Kantonese woorden: tjap en tjoi. Tjap betekent gemengd, en tjoi groente. In de VS, Frankrijk en Duitsland noemen ze dit gerecht ook wel chop suey.

Allerlei groenten kunnen gebruikt worden, vooral de beetje harde groenten zijn geschikt. Naast de hieronder genoemde zijn dit bv. (witte) kool, prei, courgette, bleekselderij, taugé en sperzieboontjes.
Daarnaast kunnen er andere ingrediënten als tofu, kokos en pinda's toegevoegd worden.

Ingrediënten

- 1 ui
- 1 teentje knoflook
- 2 eetlepels olie
- 250 gram paksoi
- 150 gram wortel
- 150 gram venkel
- 1 1/2 dl water
- 100 gram kastanjechampignons
- 1/2 eetlepel geraspte gemberwortel
- (kruiden)zout

Bereiding

De ui snipperen en fruiten in de olie. Een paar minuten later de knoflook er uitgeperst bijdoen, en even mee fruiten.
De paksoi en venkel in reepjes en de wortel en paddestoelen in plakjes snijden.
De groenten toevoegen aan de ui en op een laag vuur smoren tot de paksoi geslonken is. Dit duurt ongeveer 10 minuten. Daarna het water en de gember toevoegen en nog een paar minuten stoven. De groenten moeten liefst enigzins knapperig blijven.

Serveersuggestie

Opdienen met rijst, pindasaus en gebakken tempeh.

Landschapspijn

categorieën: boeken, Landbouw algemeen, natuur en milieu, Vlees en veeteelt

landschapspijn

Auteur: Jantien de Boer
Uitgever: Atlas Contact
ISBN: 9789045033907

‘Een gevoel van weemoed over ons landschap, dat onherroepelijk verandert door de industrialisatie.’ ‘Landschapspijn schurkt inderdaad tegen weemoed aan. Maar het is geen zeurend gevoel van nostalgie, het is eerder een vlijmende pijn die door je borst snijdt.’

Mensen die terug naar hun geboortegrond gaan in Friesland, Brabant of andere overwegend agrarische gebieden schrikken van de stilte, weg is het geluid van de vogels, het gezoem van de insecten. Niets dat beweegt op de egale groene vlakten. De slootjes zijn gedempt en de bloemrijke weilanden veranderd in steriele groene landerijen.

De pijn die in dit boek wordt beschreven is veroorzaakt door de agrarische industrie met zijn efficiënte manier van werken waarbij het draait om zoveel mogelijk produceren tegen zo weinig mogelijke kosten. Met name de veeteelt die veel ruimte nodig heeft en veel afvalstoffen kwijt moet trekt een grote wissel op de omgeving. Natuur is onkruid, lastig en nooit een winstgevend iets en delft dus het onderspit.

Boeren protesteren tegen deze aanklacht, en de term landschapspijn, omdat zij ook mee moeten draaien in de wereld zoals die is. Uiteraard zijn er ook enkelen die het anders willen, biologisch of iets natuurvriendelijker maar hen wordt het niet makkelijk gemaakt.

Een belangrijke vraag die in dit boek gesteld wordt is; van wie is het landschap eigenlijk? Van de boeren of van de samenleving? Of zelfs van iets groters, iets dat de mensheid overstijgt en de natuur mee laten doen? Er is sprake van botsende belangen tussen agrariërs en natuurliefhebbers.

Mijn gedachten gaan nog wat verder. Is er wel werkelijk een tegengesteld belang tussen verschillende groepen? Voor wie is een dode steriele wereld uiteindelijk goed? Van wie is het land, de zee, de lucht eigenlijk? En mijn landschapspijn gaat verder dan de agrarische gebieden. Ik lijd onder snelwegen, industrieterreinen, bedrijventerreinen, betegelde tuinen, rechtgetrokken rivieren, giftige bloembollenvelden, kilometers aan verlichte kassen. En nog veel meer dat de mens in zijn kortzichtige hebzucht en ordeningsdrang vernietigt.

Lees ook Schorshuiden van Annie Proulx over de kaalslag en ontbossing van Amerika. De paar milieufreaks, bomenknuffelaars en bezorgde burgers die alles al van ver aan zagen komen, en nog steeds zien, worden weggehoond, niet serieus genomen en uitgelachen. Maar uiteindelijk blijken zij steeds weer gelijk te krijgen. Helaas.