Voedselencyclopedie

inhoud

Recept: bananentaart

Rijpe bananen2

Ingrediënten
 

voor de bodem:
1 pakje moutbiscuit van 200 gram
150 gram margarine

voor de vulling:
4 rijpe bananen
½ liter soja-vanillevla
1 zakje agar-agar
½ liter rijstemelk met amandel en hazelnoot (verkrijgbaar in natuurvoedingswinkel)

Bereiding

Om de bodem te maken koekjes verkruimelen en margarine smelten. Met elkaar mengen en in een springvorm goed aandrukken. De springvorm hoeft niet ingevet te worden.

De bodem af laten koelen tot kamertemperatuur en dan nog een half uurtje in de koelkast zetten.

In een blender de agar-agar, de bananen, de rijstemelk en sojavla mengen en daarna verhitten in een pan. Het is belangrijk om te blijven roeren zodat de agar-agar goed verdeeld blijft.
Een paar minuten zachtjes laten doorkoken (nog steeds blijven roeren).

De vulling voorzichtig over de taartbodem schenken. Laten afkoelen en in de koelkast zetten. Ongeveer twee uur koelen voor serveren. Daarna uit de springvorm halen.

Olivier De Schutter over agro-ecologie en ggo

categorieën: Alternatieve landbouw, Genetische modificatie, natuur en milieu, voedselveiligheid

Niet met technologie van de laboratoria maar met die van de landbouwers zelf moet de voedselproductie omhoog. Dat zegt Olivier De Schutter, VN-rapporteur voor het recht op voedsel. 'Al die technieken hebben aangetoond dat ze de oogsten zeer aanzienlijk kunnen vergroten,' zegt de Belgische hoogleraar in een gesprek met IPS.

Olivier De Schutter is een groot voorstander van agro-ecologie. Die wetenschap benadrukt dat je eerder met de natuur moet werken dan haar moet proberen te veroveren en te vervangen door technologie uit de laboratoria.

Met technieken als ‘water oogsten’ en gewasrotatie kan agro-ecologie externe elementen zoals ingevoerde pesticiden links laten liggen. Dat is niet alleen veel minder schadelijk voor de omgeving, het kan ook zeer productief zijn, zeggen voorstanders. Volgens een nieuwe studie van de Britse Essex University kan agro-ecologie bijna 80 procent meer voedsel opleveren dan 'conventionele' landbouw.

Olivier De Schutter: 'Agro-ecologie betekent niet zomaar dat je geen gebruik maakt van moderne technologie. Het betekent dat je de beste technologie gebruikt, die door landbouwers is ontwikkeld, dat je ter plaatse produceert wat ze nodig hebben om de grond vruchtbaar te maken en gewassen te kweken. Al die technieken hebben aangetoond dat ze de oogsten zeer aanzienlijk kunnen vergroten.

De studie in 57 landen door Jules Pretty en zijn team van de Essex University kwam tot de conclusie dat de gemiddelde oogsttoename 79 procent bedroeg. Dat is een ongelooflijk resultaat, alleen door de juiste technieken te gebruiken.'

Is er nog plaats voor chemische meststoffen en genetisch gemodificeerde (ggo) voeding in uw benadering van de landbouw?

'Meststoffen moeten niet gedemoniseerd worden. Agro-ecologie werkt met lokaal geproduceerde stoffen: organische meststoffen, dierlijke mest. Soms is het nuttig, bij de lancering van iets, om externe stoffen te gebruiken, fosfaat bijvoorbeeld, om de grond te revitaliseren. Maar het idee van agro-ecologie is dat men nadien heel snel zelfvoorzienend wordt.

Ggo-gewassen vormen een zeer complex thema. Agro-ecologie focust niet op de eerste plaats op de plant, ze focust op de plant in haar ecosysteem, ze ziet de plant als een deel van een veel groter geheel. In wezen maakt ggo-technologie de plant los van zijn omgeving.

Bij ggo-voedsel zijn boeren ook enorm afhankelijk van zaden die beschermd zijn door intellectuele eigendomsrechten die in handen zijn van een klein aantal bedrijven. Ggo-zaad wordt in feite gedomineerd door één bedrijf: Monsanto. Dat is een grote handicap voor boeren die al te vaak in de schulden raken omdat ze te veel betalen.'

Door de economische blokkade van Gaza door Israël is het niveau van ondervoeding daar sterk gestegen. Is de blokkade een schending van het recht op voedsel?

'Absoluut. Door te verhinderen dat het economische systeem bloeit, schendt Israël duidelijk het recht op voedsel, dat ook het recht om te produceren en een inkomen te verkrijgen inhoudt. De boeren hebben geen grondstoffen, ze kunnen niets verkopen op de markten; 80 procent van de bevolking zit zonder werk. Dat maakt deze gemeenschap volledig kapot.'

Het Wereldvoedselprogramma en andere instanties stellen dat de inspanningen van de EU om het gebruik van biobrandstof te verhogen de honger nog heeft doen toenemen. Toch weigert de Europese Unie zijn beleid te veranderen. Wat denkt u daarvan?

'Een grote impact van biobrandstof is dat ze de grondconcentratie en grondspeculatie doet toenemen, waardoor inheemse volken en kleine boeren verdreven worden van de grond die ze nodig hebben om van te leven, ook al behoort die hen niet noodzakelijk op een wettelijk erkende manier toe. In alle landen die ik bezocht heb – en ik heb de laatste jaren al heel wat ontwikkelingslanden bezocht – hoor je overal dezelfde klacht bij de boeren. Ze vrezen dat ze van hun grond verdreven zullen worden.

De belangrijkste motor hierachter is de productie van biobrandstof. De certificeringscritera die de Europese Commissie onlangs gepresenteerd heeft (officieel ontwikkeld om biobrandstoffen 'duurzaam' te maken) houden daar geen rekening mee.

Wat totaal ontbreekt in de criteria die de Europese Commissie heeft gepresenteerd, is de impact die de productie van biobrandstof heeft op de gelijkheid en ongelijkheid in landelijke gebieden. Ik ben ervan overtuigd dat in de meeste, misschien wel alle, gevallen de productie van biobrandstof in het voordeel is van wie het goed heeft en niet van de armsten. Sterker, het zal de positie van de armsten nog verergeren.'

Bron:

- IPS