Voedselencyclopedie

inhoud

Recept: koude tomatensoep

Rozemarijn

Ingrediënten

- olijfolie (eventueel)
- ui
- knoflook
- zongedroogde tomaten in olie (in stukjes gesneden)
- olijven (gehalveerd en zonder pit!)
- blikje gepelde tomaten in stukjes
- tomatenpuree
- rozemarijn
- basilicum
- bouillonblokje
- water

- tomaten
- komkommer
- rode ui

Bereiding

De olie van het potje zongedroogde tomaten in een pan gieten, als het te weinig is aanvullen met olijfolie. Olie geeft alle gerechten meer smaak en een betere structuur, en het is nog gezond ook. Er zijn veel mensen die hier anders over denken, zij gebruiken gewoon wat minder.

Het vuur laag houden en de ui zachtjes laten garen. De knoflook, zongedroogde tomaatjes, de olijven en de takjes van rozemarijn mee laten sudderen. Na zo'n 10 minuten het blikje gepelde tomaten en de tomatenpuree erbij. Roeren, water en bouillon toevoegen en aan de kook brengen. Even lekker laten doorkoken.

Het vuur uitzetten. De rozemarijntakjes verwijderen, dit gaat het makkelijkste als ze bijeengebonden zijn of als ze in een theeëi zitten. Rozemarijn blijft over het algemeen vrij hard.
Dan de basilicum erdoor doen en met de staafmixer alles glad mengen.

Als de soep afgekoeld is er de verse tomaten, de rode ui en komkommer (de tomaten en komkommer in blokjes gesneden, de ui in snippers) erdoor roeren.

Serveersuggestie

Koud opdienen met bv. geroosterd knoflook- of olijvenbrood.

Vezels

categorieën: Brood, Gezond voedsel, lichaam, Over gewicht

nielsgroenten

Vezels, ook wel ruwe vezels of voedingsvezels genoemd, zijn altijd afkomstig van plantaardige voeding. Het zijn de koolhydraten die je niet kunt verteren, ze hebben dan ook geen voedingswaarde. Wat niet wil zeggen dat ze geen waarde hebben. Dat hebben ze juist wel. Door het eten van vezels ontstaat er meer ontlasting en het voedsel gaat sneller door je lichaam, daarom is er dus ook meer mogelijkheid om giftige stoffen af te voeren.
Waarschijnlijk verlaagt het eten van voldoende vezels (planten) het risico op darmkanker, zwaarlijvigheid, hartaandoeningen, darmziekten, aambeien, spastische darm, diabetes en meer vervelende ziekten en aandoeningen.

Het aanbevolen minimum aan vezels dat iemand dagelijks binnen zou moeten krijgen is 18 gram. Beter is het om meer te nemen.

Er zijn twee soorten vezels: oplosbare en onoplosbare. De meeste planten bevatten beide soorten.

Oplosbare vezels

Oplosbare vezels of fermenteerbare voedingsvezels nemen water op tijdens hun reis door het darmstelsel, hierbij zwellen ze op en vormen een dikke brij. Deze brij houdt een deel van de voedingsstoffen vast zodat die langzamer worden opgenomen. Dit verkleint de kans op zwaarlijvigheid en diabetes. Deze ingedikte brij houdt ook het cholesterol uit de gal vast, waardoor er minder van opnieuw wordt opgenomen en het cholesterolgehalte dus wordt verlaagd.
Doordat water wordt vastgehouden is de ontlasting soepel en niet te droog.

Nog een belangrijke taak van oplosbare vezels is het voeden van de goede bacterieën van de darmflora. Dit gebeurt in de karteldarm. Voedsel dat veel oplosbare vezels bevat is dus prebiotisch.

Goede bronnen van oplosbare vezels zijn: artisjokken, ui, knoflook, banaan, haver, noten, erwten, bonen, appels en blauwe bessen.

Onoplosbare vezels

Onoplosbare vezels of niet-fermenteerbare voedingsvezels nemen geen water op, ze worden dus geen brij en verteren helemaal niet. Ze nemen wel ruimte in zodat het hongergevoel, en dus de eetlust, vermindert. Ze bevatten geen opneembare calorieën en zijn dus heel geschikt voor mensen die af willen vallen.

Goede bronnen van onoplosbare vezels zijn: volkorenproducten (brood, pasta, granen), couscous, wortels, komkommers en zemelen.