Dieren eten
Categorieën: Boeken, Bio industrie, Vlees en veeteelt

Titel:
Dieren etenAuteur: Jonathan Safran Foer
Uitgever: Ambo
Oorspronkelijke titel: Eating Animals
Oorspronkelijke uitgever: Little, Brown
Vertalers: Otto Biersma en Onno Voorhoeve
ISBN: 978 90 263 2273 0 (
gebonden)
ISBN: 978 90 263 2167 2 (paperback)
RecensieAanleidingJarenlang was Jonathan Safran Foer op en af
vegetariër. Morele bezwaren en emoties deden ‘m stoppen met het
eten van
vlees terwijl culturele en sociale aspecten (wat ook emoties zijn) hem hier weer mee deden beginnen.
Toen kreeg hij een zoon en werd de kwestie van
voeding een stuk belangrijker. De verantwoordelijkheid voor zijn kind dreef hem ertoe uit te willen zoeken waar het
eten waarmee hij zijn zoon voedde vandaan kwam, en wat het eigenlijk precies was. Vooral
vlees was daarbij een belangrijk, want beladen, iets. In zijn zoektocht kwam al snel de
bio-industrie naar voren als leverancier van vrijwel al het
vlees en andere dierlijke
producten in Amerika (net als in Europa het geval is (MV)).
VerhalenMeer dan een pleidooi voor het
vegetarisme is dit
boek een aanklacht tegen de
bio-industrie. Tegen de manier waarop met
dieren omgegaan wordt. Hoe ze gemarteld, mishandeld, opgesloten, verminkt en tenslotte vermoord worden. De feiten vormen een belangrijk deel van dit
boek, maar meer nog is deze auteur een schrijver van verhalen. Dat hij dat goed kan heeft hij al eerder bewezen in zijn bestsellers
Alles is verlicht en
Extreem luid & ongelooflijk dichtbij. En hoewel dit
boek geen fictie is worden er toch verhalen verteld. Verhalen van een dierenrechtenactivist, van een bio-industrieboer, een vegetarische veehouder, een PETA-activist en een
veganist die slachthuizen bouwt. Verhalen over families en thanksgiving-diners, over zijn eigen geschiedenis en de geschiedenis van de mens. Over het delen van voedsel als sociale en culturele verbinding tussen
mensen.
Maar ook over kalkoenen en andere vogels die zo doorgefokt en genetisch gemanipuleerd zijn dat ze niet meer in staat zijn zich voort te planten, niet meer op hun poten kunnen staan, niet meer kunnen vliegen (alsof ze daar de ruimte voor zouden hebben), nooit ouder worden dan een paar
weken.
Die alleen gefokt worden op nuttige eigenschappen, zoals zo min mogelijk voer nodig hebben en tegelijkertijd zo snel mogelijk groeien, met name het borstvlees, of zoveel mogelijk eieren kunnen produceren.
Over de kip van de toekomst en de hedendaagse praktijk, waarbij duizenden kippen opgesloten zitten in schuren waar ze allemaal een oppervlakte van minder dan één A-viertje tot hun beschikking hebben. Waarbij ze op spijlen staan waar hun poten omheen groeien.
Over
dieren die hun hele korte leven
antibiotica, hormonen en medicijnen krijgen omdat ze ziek zijn. En over kweekvissen (onderwater
bio-industrie) en de
bijvangst van miljoenen zeedieren in de visserij. Over de gigantische hoeveelheden mest die het land en het
water vervuilen, die de
gezondheid van omwonenden bedreigen en een verschrikkelijke stank verspreiden.
FeitenDe
bio-industrie heeft niets meer te maken met de
landbouw en de voedselvoorziening zoals die honderden jaren lang bestaan heeft. ‘Er zijn zelfs praktisch geen boeren meer maar vrijwel alleen nog maar beursgenoteerde
bedrijven die door hun aandeelhouders verplicht worden de winst te maximaliseren. Het gaat niet meer om het voeden van de bevolking maar om het verdienen van geld, steeds meer.’ Dit is geen
landbouw meer maar, inderdaad, industrie.
Foer vergelijkt de
bio-industrie met oorlog. ‘We hebben oorlog gevoerd, of eigenlijk hebben we een oorlog laten voeren tegen alle
dieren die we
eten.’ ‘De
bio-industrie is eerder een bepaalde manier van denken dan een manier van doen: beperk de productiekosten tot het absolute minimum en negeer of verplaats systematisch de kosten van milieuvervuiling, menselijke ziektes en dierenleed.’ De intensieve visserij behoort tot dezelfde categorie.
De meeste van deze feiten zijn al min of meer bekend bij veel
mensen, maar de manier waarop het hier opgeschreven staat vervulde mij met afgrijzen, terwijl ik toch best al wat weet en gelezen heb hierover. Het kostte mij af en toe echt moeite om door te lezen. Het doet denken aan horror, maar het is erger want je weet dat het echt is en dat het dagelijkse praktijk is. Dat vrijwel iedereen er aan bijdraagt door de
producten uit deze mens- en dieronterende industrie te kopen. Dat deze ellende in stand gehouden en zelfs beloond wordt doordat
mensen te beroerd zijn om een fatsoenlijke prijs voor voedsel te betalen, dat
mensen liever onwetend zijn, hun kop in het zand steken dan nadenken. Maar er is nu geen excuus meer om te zeggen dat je het niet wist. Het is
niet langer onwetendheid maar onverschilligheid die deze ellende in stand houdt.
VragenNaast het vertellen van verhalen stelt de auteur ook vragen: Hoeveel leed is je voedsel waard? Welke weg kies je? Hoe voed je je kinderen (op)? Welke keuzes maak je?
Vragen waar niet altijd een direct antwoord op komt maar die zeker aanzetten tot nadenken.
ConclusieIk kan me maar moeilijk voorstellen dat iemand na het lezen van dit
boek nog
vlees (
dieren) eet. En diegene die dat wel doet zal heel wat meer weg moeten slikken dan dat lekkere hapje.
Links:
amboanthos.nl/ Dieren eten
cnn.com/ Interview Larry King met Foer
eatinganimals.com/
wsj.com/ Foer: Let Them Eat Dog
